In de afgelopen jaren daalde het gemiddelde ziekteverzuim van 4.3% in 2010 tot 3.8% in de eerste helft van 2013. Deze daling heeft zich in de tweede helft van 2013 niet doorgezet. “Toch is het nog te vroeg om te spreken van een kentering in de verzuimdaling”, vindt dr. Corné Roelen, bedrijfsarts en epidemioloog bij ArboNed. “Weliswaar horen we de laatste tijd positievere berichten over de economie, maar werknemers hebben nog weinig vertrouwen in de arbeidsmarkt en dat houdt het verzuim geforceerd laag”, constateert Roelen in zijn spreekkamer. “Als werknemers het weer voor het kiezen hebben op de arbeidsmarkt, zal het verzuim stabiliseren of zelfs weer gaan stijgen.” 

Psychisch verzuim
Hoewel het verzuim daalde nam het psychisch verzuim verder toe van 29% in 2012 naar 35% in 2013. Ruim driekwart van het psychisch verzuim heeft te maken met stress. Roelen merkt steeds vaker dat dit niet alleen werkgerelateerd is, maar ook te maken heeft met privé-omstandigheden. Roelen: “Werknemers maken zich zorgen over hun persoonlijke situatie en hebben minder geld te besteden. Daar komt bij dat vooral mensen met psychische klachten vaak niet de hulp zoeken die ze nodig hebben, omdat ze de behandeling niet kunnen betalen.” Vorig jaar pleitte Roelen al voor het (mee)financieren van behandelingen door de werkgever. “Een verzuimdag kost een werkgever gemiddeld 250 euro per dag. Als je weet dat psychisch verzuim in 2013 gemiddeld 180 dagen duurde, dan is niets doen geen optie”, vindt Roelen. 

Aandacht vanuit Den Haag
Waar het gaat om werkgerelateerde oorzaken heeft psychisch verzuim vooral te maken met de psychosociale arbeidsbelasting (PSA), en dit is al jaren één van de belangrijkste arbeidsrisico’s. Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gaat zich dan ook sterker inspannen om PSA te reduceren. In 2014 trekt hij hiervoor circa 1 miljoen euro uit.

Meer rust nodig
“Dat werknemers meer stress ervaren, zie je ook terug in hun gedrag,” constateert Roelen. Zo gaf 44% van de werknemers bij preventief medisch onderzoeken in 2013 aan regelmatig een half uur per dag bewust te ontspannen, tegenover 42% in 2010. Ook het aantal mensen dat tijdens het werk regelmatig een rustmoment neemt, nam toe van 13% in 2010 naar 15% in 2013. Daar staat tegenover dat slechts 20% van de werknemers 1 keer per week sport, 25% 2 keer per week en 30% van de ondervraagden sport niet wekelijks. Verder was in 2013 het aantal werknemers dat stopte met roken lager dan in 2010.

Bron: ArboNed